Milieustrafrecht

Onder milieustrafrecht wordt verstaan: de vervolging en berechting van feiten die strafbaar gesteld zijn in de via de Wet op de economische delicten (WED) gecriminaliseerde milieuwetten. Net als bij de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) is hier sprake van zogeheten ‘gelede normstelling’, waarbij de concrete norm (wat precies wel en niet mag) te vinden is in een onderliggende wet.

In de handhavingspraktijk heeft het milieustrafrecht sinds de jaren negentig van de vorige eeuw een steeds belangrijker plaats ingenomen. Onderwerpen die in veel milieustrafzaken centraal staan, zoals het begrip ‘afvalstoffen’, of de milieuvergunning, zijn geregeld in de Wet milieubeheer. Daarnaast zijn er de specifieke voorschriften uit de afzonderlijke milieuwetten, zoals bijvoorbeeld de Flora- en faunawet, de Meststoffenwet, de Wet bodembescherming, de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, en de Wet voorkoming verontreiniging door schepen.

Milieudelicten kunnen door individuen begaan worden, maar in de meeste milieustrafzaken staat een onderneming terecht als verdachte. Juist bij het uitvoeren van fabricageprocessen of andere economische activiteiten zal het immers kunnen voorkomen dat geluidshinder ontstaat, afvalstoffen geloosd worden in hogere concentraties dan toegestaan door de milieuvergunning, of asbest vrijkomt.

Bij de meeste milieustrafzaken is sprake van een combinatie van feiten die strafbaar gesteld zijn, via de WED, in een specifieke milieuwet, plus feiten die strafbaar gesteld zijn in het Wetboek van Strafrecht. Daarbij kunt u denken aan valsheid in geschrift, deelneming aan een ‘criminele organisatie’, of oplichting. Soms is ook sprake van overtreding van (milieu-)belastingwetten.

In al die gevallen kan NVVS advocaten u bijstaan. Waar mogelijk onderhandelen wij voor u met het Openbaar Ministerie over afdoening van de zaak buiten rechte (bijvoorbeeld door sepot of een strafbeschikking), maar als dat geen soelaas biedt, verdedigen wij u bij de strafrechter.